Hoofdstuk 20
Vrij van kennis
Origineel
众人熙熙,如享太牢,如春登台。我独泊兮其未兆,如婴儿之未孩;累累兮若无所归。
众人皆有余,而我独若遗。我愚人之心也哉!沌沌兮!
俗人昭昭,我独昏昏。俗人察察,我独闷闷。澹兮其若海,飂兮若无止。
众人皆有以,而我独顽且鄙。我独异于人,而贵食母。
Vertaling
Diepe reflectie
Waar gaat dit hoofdstuk over?
Dit hoofdstuk prijst het loslaten van intellectuele kennis en maatschappelijke waarden, en omarmt een toestand van kinderlijke eenvoud en onthechting. De wijze verschilt van de massa door innerlijke rust en verbondenheid met de bron.
Wat heeft dit met mij te maken?
Het herinnert me eraan dat ik niet altijd hoef te voldoen aan verwachtingen of mee te doen aan de drukte. Mijn unieke pad van eenvoud en stilte is waardevol, ook al voelt het soms eenzaam.
Wat moet ik vandaag doen?
Oefen vandaag een moment van stilte zonder oordeel. Zeg één keer 'ik weet het niet' in een gesprek, en ervaar de vrijheid van niet hoeven weten.
Gerelateerde hoofdstukken
Mijn reflectie
Wat inspireert dit hoofdstuk in jou? Hoe ga je het toepassen?