Hoofdstuk 62

De Tao is de Schat van Alle Wezens

道者万物之奥,善人之宝,不善人之所保。
美言可以市尊,美行可以加人。人之不善,何弃之有?
故立天子,置三公,虽有拱璧以先驷马,不如坐进此道。
古之所以贵此道者何?不曰求以得,有罪以免邪?故为天下贵。
De Tao is de diepste schat van alle wezens, de kostbare parel van de goeden, en de bescherming van de onvolmaakten. Mooie woorden kunnen eer kopen, mooie daden kunnen respect winnen. Maar waarom zouden we de onvolmaakten verstoten? Daarom, wanneer een keizer wordt gekroond of de drie hoogste ministers worden aangesteld, al brengt men jade-schijven en vier paarden, het is beter om zittend de Tao te ontvangen. Waarom werd deze Tao in de oudheid zo gekoesterd? Omdat wie vraagt, ontvangt; wie zondigt, wordt vergeven. Daarom is het het kostbaarste onder de hemel.

Diepe reflectie

Waar gaat dit hoofdstuk over?

Dit hoofdstuk zegt dat de Tao de grootste schat is, toegankelijk voor zowel goede als slechte mensen. Het overtreft alle materiële rijkdom en biedt vergeving en vervulling aan wie het zoekt.

Wat heeft dit met mij te maken?

Het herinnert me eraan dat innerlijke wijsheid en verbinding met het diepere zelf waardevoller zijn dan uiterlijke prestaties of bezittingen. Ik kan altijd terugkeren naar deze bron, ongeacht mijn fouten.

Wat moet ik vandaag doen?

Neem vandaag vijf minuten stilte om in contact te komen met de Tao, zonder oordeel over jezelf, en voel de vergevingsgezindheid ervan.

Gerelateerde hoofdstukken

Mijn reflectie

Wat inspireert dit hoofdstuk in jou? Hoe ga je het toepassen?

Vraag Laozi over dit hoofdstuk Volledig chat →